|
Godsdienstonderwijs aanpassen aan de 21ste eeuw
|
Onze samenleving verandert aan een razendsnel tempo. Niet alleen in onze steden, maar ook daarbuiten, zien we een verkleuring van de bevolking. Dit gaat o.a. gepaard met een toename van het aantal godsdiensten in onze omgeving. De overheid heeft verschillende godsdiensten officieel erkend omdat ze vond dat deze een vast onderdeel van onze multiculturele samenleving uitmaken. Vandaag worden 6 godsdiensten erkend: de Anglicaanse godsdienst, de Islamitische godsdienst, de Israëlische godsdienst, de Katholieke godsdienst, de Orthodoxe godsdienst en de Protestantse godsdienst.
|
Ook in het onderwijs wordt de nodige aandacht besteed aan religie. Zowel in het basis- als in het secundair onderwijs krijgen de jongeren twee uur vorming per lesweek in één van de erkende godsdiensten of in de niet-confessionele zedenleer. Het spijtige aan het huidige godsdienstonderwijs is dat jongeren wel veel leren over hun eigen levensbeschouwing maar over het algemeen bijna geen kennis vergaren over de godsdienst van anderen, niettegenstaande zij dagelijks op school en daarbuiten met andere religies worden geconfronteerd.
|
Met het voorstel van decreet waarvan ik de mede-indiener ben, willen we de scholen er toe verplichten om in de derde graad van het secundair onderwijs tijdens minstens de helft van de aangeboden uren godsdienstonderwijs of niet-confessionele zedenleer, de andere erkende godsdiensten uitgebreid aan bod te laten komen. Hiermee willen we de jongeren de kans geven om over het muurtje van de eigen levensbeschouwing te kijken wat niet alleen moet bijdragen tot een betere kennis van andere godsdiensten maar ook tot meer wederzijds begrip en respect voor elkaar.
|
Voor eerdere bijdragen klik hier
|
|
|
| |
|